Agressie bij peuters

Slaan, schoppen, bijten en smijten

Vanuit de kamer klinkt een gil, je komt aangerend en ziet dat je jongste huilend in een hoekje zit, je oudste staat er naast en kijkt quasi verbaasd. Al gauw zie je de afdruk van een paar peutertandjes in het armpje van je jongste staan, je oudste weet natuurlijk van niks. Als hij even later toch bekent gebeten te hebben en snel daarna belooft het nooit meer te doen, is de situatie opgelost en kan jij verder met je werk. Prompt klinkt er weer een gil uit de kamer, dit maal zie je dat je peutertje je jongste geslagen heeft. Je wordt boos, geeft straf, wordt lichtelijk wanhopig en weet dat het de volgende dag ook weer zo zal gaan.

Waarschijnlijk herkennen veel ouders zich in het bovenstaande voorbeeld. Peuters die krabben, bijten, smijten, slaan en schoppen zijn geen uitzondering. Het lijkt eerder normaal te zijn dat je kind zulk gedrag vertoont dan wanneer hij dat niet doet. Maar of het nou bij die ontwikkelingsfase hoort of niet, jij vindt het heel vervelend dat je kindje dat doet dus je wilt dit probleem zo snel mogelijk uit de wereld hebben. Een heel logische wens en zeker ook zeer gewenst voor jou, je kind en je omgeving.

Ieder kind laat een vorm van agressie zien. Zelfs baby’s van zes maanden kunnen al agressief reageren. Sommige baby’s duwen en knijpen wanneer zij de kans krijgen. Omdat je intuïtief weet dat je baby van 6 maanden nog niet met opzet iemand pijn kan doen doe je er ook weinig aan, een dreumes die een ander kind slaat is ook nog heel normaal, maar zodra een ouder kind iemand een klap verkoopt staat zijn hele omgeving op om er op te reageren. Er wordt veel aandacht aan besteed om herhaling te voorkomen.
Toch uiten grotere kinderen minder vaak hun agressie op de bovengenoemde manieren omdat zij al wel om kunnen gaan met hun frustraties en emotie’s. Ook kunnen zij zich al inleven in de ander en dat is nou juist een belangrijk punt. Peuters hebben nog geen inlevingsvermogen. Ze snappen gewoonweg niet dat een ander dan zijzelf ook pijn, angst en verdriet kunnen ervaren. Een peuter gaat uit van het goede in zichzelf. Wat dat goede is, is voor een peuter nog wel onduidelijk. Hij is opzoek naar wat wel en niet kan door de dingen uit te proberen. De ene peuter is de ander niet en zo reageert ieder kind weer anders op de verschillende situatie’s.
Zo kan het zijn dat je kindje bij het minste of geringste schopt en slaat, een ander kindje gooit wat stuk en een derde trekt zich terug in een hoekje.

Het is niet zo dat alle peuters slaan, bijten of smijten uit agressie. Soms is het ook een gewoonte die ze hebben ontwikkeld. Bijvoorbeeld als zij hun zin niet krijgen, moe zijn of geïrriteerd. Een peuter is ook erg nieuwsgierig. Hij is benieuwd naar de gevolgen van bijvoorbeeld het omgooien van een vaas en deze nieuwsgierigheid overwint het van de angst dat zijn moeder boos op hem wordt. Je peuter snapt echt niet dat jij verdrietig bent omdat je mooie beeldje aan gruzelementen ligt of omdat hij voor de zoveelste keer de bloemen van tafel veegt. Je kan je peuter leren zijn geweten (want daar draait het om) te helpen ontwikkelen. Het is belangrijk (ook voor zijn veiligheid) dat je regels gaat stellen:

Tips en truc’s:

  • Oorzaak en gevolg, (“Als jij dat kapot gooit wordt mama verdrietig, zie je dat aan mijn gezicht?”) Zo leert hij zich in te leven in de ander.
  • Zeg nooit: “Jij bent een stoute jongen” maar leg hem liever uit dat wanneer hij iets doet wat niet mag jij hem op dat moment niet lief vindt.
  • Zeg ook: “Wat is dat lief van jou”of “Wat ben jij nu aardig voor dat kindje!”
  • Geef zelf het goede voorbeeld!
  • Stel hem vragen als: “Waarom denk je dat Pieter nu huilt?” Laat je peuter nadenken over de gevolgen van zijn gedrag.
  • Wees en blijf consequent, wat vandaag niet mag, mag morgen ook niet!
  • Laat merken dat je het niet waardeert dat je spullen kapot gegooid worden. Straffen helpt vaak niet (immers je kindje SNAPT niet dat het jou verdriet doet).
  • Herhaal je regels zo vaak als nodig (en dat is heel vaak!)
  • Leg eens uit wat je bedoelt en doe het eens voor (“Niet slaan maar aaien”)
  • Denk niet te snel dat je peuter iets expres doet
  • Houd je opdrachten concreet en eenvoudig (“Ruim je knuffels op” of “Geef Pieter maar een hand”)
  • Zorg ervoor dat je altijd op ooghoogte bent met je kindje en kijk hem recht aan wanneer je iets uitlegt of vraagt
  • Weet dat een peuter erg veel moeite moet doen om zijn impulsiviteit te onderdrukken, vaak weet hij wel dat iets niet mag maar de drang om het toch te doen is heel groot
  • Dreumesen zijn energiek en enthousiast, vaak gebeuren dingen ook per ongeluk
  • Wanneer je kindje agressief reageert kan je hem het beste afleiden Ga wandelen of doe hem in bad. Leidt de aandacht af van zijn negatieve gedrag
  • Als je kindje jou (of een ander) pijn doet, zeg dan kort en krachtig “NEE, dat mag niet”. Mimiek is heel belangrijk.
  • Sla, krab, bijt of smijt niet terug. Hiermee laat je zien dat het gedrag dus wel toelaatbaar is, immers mama doet het toch ook? Je brengt je kindje hier ontzettend mee in verwarring.
  • Ben je het zat? Sluit je zelf even op de wc op en wacht totdat je gekalmeerd bent
  • Is je kindje al wat ouder? Zet hem rustig even op de gang om af te koelen als hij erg agressief of boos reageert. Laat hiermee zien dat je dat gedrag in je omgeving niet wenst te zien (let wel op waarom je kindje boos wordt soms is het juist belangrijk om hem te troosten of uit te laten razen)
  • Kies liever niet voor zijn eigen kamertje om hem in af te laten koelen. Zijn slaapkamer moet veilig en leuk zijn en blijven en geen negatief beladen plek worden.
  • Bekijk en praat samen met je kleintje over het gedrag van anderen (in boekjes of op tv….”Waarom moet Tommie nu huilen?”)
  • Laat je kindje niet naar gewelddadige tv-serie’s kijken. Kies voor verantwoorde programma’s (binnenkort hierover een artikel op de Babybrabbel)

Een van de belangrijkste tips als het om kapot gooien en dergelijke gaat: Maak je huis kindvriendelijk! Zet alle kostbare spullen hoog weg of berg ze even, op totdat je kindje de leeftijd heeft bereikt dat hij daadwerkelijk kan snappen dat hij ergens niet aan mag komen.
Hiermee voorkom je dat je de hele dag politie-agentje aan het spelen bent en steeds van alles moet verbieden. Wees je ervan bewust dat kleine kinderen…energiek, enthousiast, onbesuisd, impulsief en vreselijk nieuwsgierig zijn. Kies voor veiligheid en gezelligheid en maak je huis peutervriendelijk!

Verder praten over dit onderwerp? Kijk dan op ons forum!