School

En dan naar school!

Het lijkt nog heel ver weg, de basisschool, en als je net bevallen bent dan denk je daar ook niet meteen aan. Toch is het best een belangrijke keuze waar je al eens op tijd bij stil moet staan. Want zodra je kind 4 jaar is moet hij een basisschool gaan bezoeken.

Het aantal schooluren kan je eventueel nog in overleg met de leerkracht regelen, want kinderen van 4 jaar hoeven nog niet de hele dag naar school maar hebben al wel een leerplicht. Als je kind de leeftijd van 5 jaar bereikt heeft gaat hij 5 hele dagen naar school.

In dit artikel komen een paar belangrijke feitjes en vragen aan bod, de verschillende soorten onderwijs worden beschreven en natuurlijk volgen een aantal tips. In dit artikel is ook een begrippenlijst opgenomen.

Wanneer kan ik mijn kind aanmelden?

Over het algemeen genomen is 3 jaar een goede leeftijd om met je peuter op zoek te gaan naar zijn nieuwe school. In sommige grote steden is het raadzaam hier al eerder mee te beginnen, omdat scholen daar een flinke wachtlijst kunnen hebben. De procedures omtrent een aanmelding verschillen nogal per school.

Hoogstwaarschijnlijk ga je eerst op bezoek bij een aantal verschillende scholen voor een rondleiding. Wanneer je dan eenmaal een keuze hebt gemaakt volgt er een intakegesprek. Hiermee wordt de aanmelding bevestigd en worden een aantal zaken goed door besproken.

Meestal maak je dan ook kennis met de toekomstige juf of meester van je kind. Zie je na enige tijd toch af van de inschrijving voor een bepaalde basisschool laat het hen dat zo snel mogelijk weten.

Wat is een vroege en wat is een late leerling?

In het onderwijs spreekt men over vroege en late leerlingen. Een vroege leerling is voor 1 oktober geboren, een late leerling er na. Voorbeeld 1: Je dochter is geboren 15 december, vanaf 15 december gaat zij dus naar groep 1 en start na de zomervakantie weer in groep 1. Voorbeeld 2: Je zoon is geboren op 8 juni, vanaf 8 juni gaat hij naar groep 1, na de zomervakantie start hij weer in groep 1.

Je ziet dat de beide kinderen uit het voorbeeld beiden starten in groep 1, alleen het kindje uit het eerste voorbeeld zit 1,5 jaar in groep 1, het jongetje uit het tweede voorbeeld gaat 1 jaar naar groep 1. Als de leerkrachten in de opvolgende groepen de ontwikkelingen van de leerlingen observeren wordt hiermee altijd rekening houden.

Hoe kies je een school en waar let je op?

Het is verstandig om eens een lijstje te maken waarop je wat schoolwensen zet. Niet iedere ouder heeft hetzelfde wensenpakket. De ene ouder vindt bereikbaarheid heel belangrijk, de andere ouder hecht veel waarde aan hygine of creativiteit. Ook kan je keuze bepaald worden door je geloofsovertuiging of omdat je kind een andere vorm van onderwijs nodig heeft (speciaal onderwijs, mytylschool).

Als je dit wensenlijstje voor jezelf hebt gemaakt bekijk dan in de gemeentegids eens de diverse scholen in de stad/dorp. Je kunt direct een afspraak maken met de scholen die jou aanstaan, je kunt ook eerst even langs de scholen rijden/fietsen om eens sfeer te proven zonder dat er iemand op de hoogte is van je komst. Ga eens kijken tijdens het speelkwartier of loop zomaar eens het gebouw in.

Het is ook heel belangrijk om goed naar je kind te kijken. Een druk en beweeglijk kind heeft waarschijnlijk veel baat bij orde en regelmaat terwijl het zelfstandige kind zich prima zal ontwikkelen bij een individuele aanpak. Ook je eigen manier van opvoeden (bijv. ben je soepel of streng) kan centraal staan in de schoolkeuze van je kind, op deze manier zorg je voor een duidelijke overgang van school naar thuis en andersom.

Tips:

  • Je kan op iedere school vragen naar het Schoolplan, daarin staan alle eisen, toetsen, kwaliteitsmeters en dergelijke beschreven. Als je echt genteresseerd bent in de volledige kennis en organisatie die achter de basisschool schuil gaat is het de moeite waard dit plan eens door te lezen. De meeste ouders vragen echter niet om dit plan.
  • Loop eens binnen zonder een afspraak te maken, je kunt dan de sfeer heel zuiver en onbenvloed proeven.
  • Wandel eens rond een uurtje of 10 rond het speelplein, spelen de kinderen samen of alleen, wordt er veel geruzied en wat doen de leerkrachten? Lopen zij rond en praten zij druk met elkaar of houden ze echt toezicht?
  • Let goed op de reacties van je kind, hoe reageert hij/zij op de omgeving?
  • Spreekt de leerkracht je kind indirect aan (dus via jou) of richt hij zich direct tot het kind?
  • Hoe zijn de schooltijden?
  • Welke vieringen vinden er plaats?
  • Wat wordt er van jou als ouder verwacht (ouderparticipatie)
  • Hoe actief is de OR (ouderraad) en de MR (medezeggenschapsraad)
  • Heeft de school een anti-pest-beleid?
  • Wat wordt er gedaan om de creatieve ontwikkeling te stimuleren?
  • Welke extra hulp kan je kind geboden worden wanner hij/zij dat nodig heeft?
  • Steek eens een lichtje op bij vrienden en kennissen, wat vinden zij van de scholen?
  • Hoe groot zijn de groepen en hoeveel leerkrachten zijn er dan beschikbaar? (sommige klassen hebben 40 leerlingen en 2 leerkrachten bijv.)
  • Hoe is de overblijf geregeld?
  • Vraag eens naar het leerlingvolgsysteem wat de school hanteert

Feitjes

  • Als ouder mag je zelf de schooltijden van je 4-jarige bepalen. Het is wel zo prettig om dit natuurlijk in overleg met de leerkracht te doen. Vanaf 5 jaar is je kind leerplichtig en zal hij volgens de wettelijk vastgestelde uren naar school moeten. In overleg met de schoolleider kunnen aangepaste tijdafspraken worden gemaakt (als je kindje bijv. nog erg snel moe is o.i.d.)
  • Schoolgeld is niet verplicht! Kijk wel even wat er allemaal in het schoolgeld is opgenomen (bijv.schoolreis, cadeautjes, vieringen, materialen). De hoogste van het schoolgeld kan per school enorm verschillen.
  • Voor ieder kind met een achterstand bestaat er tegenwoordig het zogenaamde rugzakje uit dit rugzakje kan de school middelen (vaak financieel) putten om de kinderen zo adequaat mogelijk te kunnen helpen. Het aanvragen van het rugzakje gebeurt door de school of door een andere instantie.
  • Gegevens over iedere school zijn op het internet terug te vinden (bijv. de verslagen van de schoolinspectiedienst)
  • De gemeente is verplicht een plaatsing op een REGULIERE OPENBARE basisschool aan te bieden. Alle openbare basisscholen "zijn" van de gemeente en openbare scholen staan open voor iedereen. Natuurlijk zijn er wel uitzonderingen waarom je kind niet geplaatst kan worden.

 

Verschillende vormen van onderwijs

 

Montessori-onderwijs

Maria Montessori ging ervan uit dat ieder kind een 'gevoelige' periode heeft: dan leren ze bepaalde dingen het makkelijkst. Ze ontwikkelde speciaal materiaal waarbij de zintuiglijke ervaring voorop staat, zoals cijfers van schuurpapier. Ieder kind werkt zelfstandig of in een groepje, onder het motto 'Help mij het zelf te doen'. Kinderen met verschillende leeftijden zitten bij elkaar. Iedereen is met iets anders bezig. Kinderen kiezen zelf wat ze gaan doen, maar de leerkracht begeleidt ze wel. Sociale vaardigheden, samenwerken en zelfstandigheid zijn heel belangrijk.

Jenaplan-onderwijs

Ook op Jenaplanscholen zitten kinderen van verschillende leeftijden bij elkaar in de klas. Peter Petersen, grondlegger van deze methode, wilde zoveel mogelijk verscheidenheid binnen de 'stamgroep', die drie jaar bij elkaar blijft. De nadruk ligt op inzicht, verbanden leggen en het vormen van een eigen mening. Er is een ritmische afwisseling van spelen, leren, het kringgesprek en vieren. Hier ontstond het inmiddels populaire kringgesprek en het vak 'wereldorintatie'.

Dalton-onderwijs

De taak staat centraal in deze methode, ontwikkeld door Helen Parkhurst. Het is een afspraak tussen leerkracht en leerling over wat er moet worden gedaan. De kinderen mogen zelf bepalen wanneer en met wie ze eraan willen werken. Er zijn kerntaken die iedereen moet doen, herhalingstaken voor wie het moeilijk vindt en verrijkingstaken voor snellere leerlingen. Zo kan het onderwijs echt op ieders talenten worden aangepast. Vrijheid, zelfstandigheid en samenwerking zijn ook hier belangrijk. Het 'strenge' element van afspraken maken, spreekt ook meer 'traditionele' ouders aan.

Freinet-onderwijs

Clestin Freinet oordeelde dat leerlingen, leerkrachten en ouders samen de baas moeten zijn. Een leerkracht die de lakens uitdeelt kweekt passieve kinderen, die later passieve volwassenen worden. Kinderen moeten kritisch naar de wereld kijken en hun lot in eigen hand nemen. De school als een soort 'kinder-zelforganisatie'. Belangrijk uitgangspunt is de 'vrije tekst', waarin het kind opschrijft wat hem of haar bezighoudt. Die vormt de basis voor het onderwijs; van lezen en rekenen tot kennis van de natuur. Dat vraagt behoorlijk wat creativiteit van de leraar. De kinderen werken zoveel mogelijk zelfstandig.

Vrije School

Gebaseerd op de antroposofie van Rudolf Steiner, met als uitgangspunt dat ieder mens op aarde rencarneert en zijn eigen weg zoekt. Aan ouders en leerkrachten de taak het kind daarbij te helpen. De ontwikkeling verloopt in fasen van zeven jaar: eerst wil en grove motoriek, daarna gevoelsleven en fijne motoriek, tot slot het intellect. Die volgorde is belangrijk, anders raakt de ontwikkeling verstoord. Het onderwijs hecht waarde aan schoonheid, creativiteit en beweging, want behalve een hoofd, heeft de mens ook hart en handen. Ook de natuur en andere culturen zijn belangrijk; de mens is deel van een groter geheel. Het onderwijs is klassikaal, met leeftijdsgenoten. De hele basisschool hebben de kinderen dezelfde leerkracht, die de lesstof verpakt in beelden, liederen en verhalen. Er wordt niet zoveel uit boeken gewerkt.

Openbare scholen en Christelijke scholen kunnen 1 van de bovenstaande typen hanteren.
REGULIERE basisscholen zijn scholen die volgende normalen (reguliere) weg hun onderwijs aanbieden. Zij gaan uit van de verschillende pedagogische stromingen en hebben zich niet (zoals de voorbeelden hierboven) toegespits op een pedagoog.

(bron: Internetwijzer Basisonderwijs)

Begrippenlijst

  • Klassikaal onderwijs:

    Een kenmerk van het klassikale onderwijs is, dat de leerlingen in een klas in eenzelfde, door de leerkracht bepaald tempo door de leerstof heen gaat. Een ander kenmerk is dat veelal via huiswerk en controle en bespreking daarvan in de volgende les de voortgang van de behandeling van de leerstof op een effectieve manier kan plaatsvinden.

  • Adaptief onderwijs:

    Kenmerken van het adaptief onderwijs zoals differentiatie, omgaan met verschillen, onderwijs op maat of zorgverbreding zeggen al heel wat over deze, tegenwoordig zeer gebruikelijke, vorm van onderwijs. Kinderen leren in hun eigen tempo en op hun eigen niveau de, door de leerkracht, aangeboden stof. De kinderen presteren, leren en handelen naar eigen vermogen. Adaptief onderwijs is dus onderwijs dat is aangepast aan de mogelijkheden en behoeften van de individuele leerling

  • Pedagogisch klimaat:

    De sfeer in de klas en op school (veilig, open, sociaal, prettig, warm)

  • Anti-pestbeleid:

    Een speciaal programma dat de school voert om pesterijen e.d. te signaleren, voorkomen en op te lossen

  • Schoolleider: hoofd van de school- directeur
  • Homogene klassen: Klassen waarin kinderen van dezelfde leeftijd zitten
  • Heterogene klassen: Klassen waarin kinderen van verschillende leeftijden zitten (bijvoorbeeld een combinatie groep 1/2)

Links:
http://www.vrijescholen.nl/
http://www.freinet.nl/
http://www.dalton.nl/
http://www.jenaplan.nl/
http://www.montessori.nl/
http://basisschool.pagina.nl