Manieren om inzicht in je cyclus te krijgen.
Hieronder gaan wij een aantal manieren bespreken om inzicht te krijgen in je cyclus. Hiermee kan je dan de kans op een zwangerschap verhogen. Om makkelijk je gegevens bij te houden hebben wij op BabyBrabbel een speciale cycluskaart. Op deze online kaart kan je al de gegevens bijhouden die op je cyclus van toepassing zijn.
De temperatuurmethode
Eén methode om je eisprong te bepalen is de temperatuurmethode. Bij deze methode is het belangrijk om elke ochtend (te beginnen bij de eerste dag van je menstruatie) voordat je s'morgens uit bed gaat je temperatuur op te nemen. Het is echt belangrijk dat dit gebeurt voordat je uit bed gaat, omdat daarna je temperatuur omhoog gaat. Ook is het belangrijk om elke dag rond dezelfde tijd te temperaturen.Als je elke ochtend je temperatuur noteert in een grafiek (die je hierboven kunt downloaden) zul je zien dat in het eerste gedeelte van je cyclus je temperatuur lager is. (Bijvoorbeeld 36.4 of 36.6). Nadat je eisprong heeft plaatsgevonden neemt je temperatuur toe. Dit moet minimaal 0.3 graad schelen met je voorgaande temperatuur (bijvoorbeeld 36.9 of zelfs boven de 37), en pas nadat het minimaal drie dagen aanhoudt, kun je er vanuit gaan dat je eisprong heeft plaatsgevonden. Je temperatuur blijft daarna hoog totdat je menstruatie optreedt. Treedt deze niet op, omdat je zwanger bent, dan blijft je temperatuur hoog. Met een zwangerschapstest kan je dit vermoeden dan bevestingen. Het kan voorkomen dat je wel eens een dag hebt waarop je temperatuur lager is, waardoor hij op het niveau is van een hoog punt uit de lage periode. Dit geeft niet, als je temperatuur gemiddeld maar hoger is dan voorheen. Je temperatuur kan namelijk ook schommelen door bijvoorbeeld weersomstandigheden, doordat het 's nachts opeens kouder of warmer is dan voorheen, doordat je een griepje onder de leden hebt, je laat naar bed bent gegaan of alcohol hebt genuttigd. Al deze dingen zijn van invloed op je temperatuur. Voor het nemen van een juiste temperatuur is een nachtrust van minimaal 8 uur van belang. Je kan voor het temperaturen een gewone thermometer gebruiken. Maar er zijn ook thermometers te koop die speciaal voor de temperatuurmethode bedoelt zijn. Deze geven minder graden aan dan een gewone thermometer. Waardoor hij meer gericht is op kleine temperatuursverhogingen.
Op deze afbeelding zie je het verloop van een gemiddelde temperatuurcyclus. De bovenkant van het blauwe en de onderkant van het rode vlak geeft de 37 graden lijn aan. Je moet dus de lijn volgen die van links naar rechts loopt. Op deze wijze kun je zien hoe de temperatuur onder en boven de 37 graden is. Het blauwe gedeelte is voor de eisprong. Als je het zwarte lijntje volgt dat langs het vlak loopt, dan zie je dat de temperatuur elke dag ongeveer gelijk is. Voor de eisprong gaat hij iets omhoog, om tijdens en vlak na de eisprong iets te zakken (zie de dikke zwarte lijn), waarna hij aanzienlijk hoger wordt dan voorheen. De temperatuur blijft hoog en vlak voor de menstruatie zakt hij weer wat omlaag, om uiteindelijk weer in het nieuwe blauwe vakje op een lagere temperatuur uit te komen dan voorheen. Dit is een voorbeeld waarbij er dus geen zwangerschap is opgetreden. Is er wel sprake van een zwangerschap, dan zakt de temperatuur dus niet, maar blijft deze hoog als in het rode vakje. Als na je verwachte menstruatiedatum je temperatuur nog enkele dagen zo hoog blijft, dan is het raadzaam een zwangerschapstest te doen. Er is dan namelijk waarschijnlijk sprake van een zwangerschap.
Blijft je menstruatie uit en is je temperatuur na een week nog steeds hoog, dan is het raadzaam een zwangerschapstest te doen: de kans is groot dat je zwanger bent. Na een maand je temperatuur bijgehouden te hebben, heb je een staatje waarop,als het goed is, een verschil te zien is tussen het begin en het eind van je cyclus. Je zou ongeveer kunnen zien wanneer je eisprong heeft plaatsgevonden. Maar echt goed kun je het dan nog niet zeggen, omdat meer omstandigheden een rol kunnen spelen in de hoogte van de temperatuur. Je bent bijvoorbeeld een avond later naar bed gegaan of je bent toch al uit bed gegaan voordat je je temperatuur nam. Een kleine verkoudheid kan ook al een rol spelen. Meer duidelijkheid over het verloop van je cyclus krijg je pas als je minstens 3 maanden achtereen je temperatuur nauwkeurig hebt bijgehouden. Als het goed is kan je na die maanden zien hoe lang je cyclus gemiddeld duurt en rond welke dag je temperatuur omhoog gaat. Als je dan voor deze dag gemeenschap hebt, verhoog je de kans om zwanger te worden. Op de grafiek kun je tevens aangeven waneer je menstruatie begon, bijvoorbeeld door middel van een m bij bijzonderheden te vermelden. Je kunt ook gegevens zoals wanneer je gemeenschap hebt gehad noteren. Als je je eisprong hebt gevoeld (sommige vrouwen kunnen dit) dan noteer je een O van ovulatie. Merk je dat je gevoelige borsten hebt, dan schrijf je een B. Zo kunnen er nog meer dingen zijn die voor jou tijdens je cyclus kenmerkend zijn. Om nog meer inzicht in je cyclus te krijgen, kan je ook noteren of je bepaalde bijzonderheden ontdekte rond de periode dat je eisprong plaatsvond. Als alles goed is heb je namelijk een ander soort afscheiding voordat je eisprong plaatsvindt , het zogenaamde cervixslijm. Daarover vertel ik hieronder meer. Het bijhouden van je cyclus is ook goed als je al langer probeert om zwanger te raken en je bang bent dat er iets niet klopt. Met deze gegevens kun je dan naar je huisarts gaan. Want als je al langere tijd probeert zwanger te raken en je gaat hiermee naar je arts, zal hij je dit ook eerst adviseren. De temperatuurmethode is een veel gebruikte methode. Het nadeel van deze methode is alleen dat je pas achteraf kunt zien wanneer je eisprong heeft plaatsgevonden, en dan is het al te laat om nog zwanger te raken. Er zijn ook methodes waarbij je kunt zien dat je eisprong binnenkort gaat plaatsvinden. Één van die methodes is om het cervixslijm in de gaten te houden.
Het cervixslijm en varentest
Deze methode houdt in dat je de afscheiding in de gaten houdt. Voordat je eisprong plaatsvindt, verlies je namelijk een ander soort afscheiding. Deze afscheiding is dikker en als je het tussen een wc papiertje zou houden, kun je er draden van trekken. Het voordeel van deze periode is dat het aangeeft wanneer je eisprong plaatsvindt. Deze afscheiding is van groot belang om zwanger te kunnen worden, omdat het de zaadcellen brengt bij de eicel. Als je tijdens de eisprong slijm uit de baarmoedermond zou nemen, dit op een glasplaatje uitsmeert, het laat drogen en het hierna onder de microscoop zou bekijken, dan heeft het de structuur van een varen. Door deze structuur van armpjes kan de zaadcel worden opgevangen. Dit slijm leidt de eicel door de baarmoeder naar de wachtende eicel. Voor een bevruchting is het dan ook noodzakelijk dat het cervixslijm van goede kwaliteit is. Op de afbeelding kun je zien hoe de varentest er uit zou zien. Het is ook van belang het verloop van het cervixslijm bij te houden op de tabel die je hier gedownload hebt.
Ovulatietesten
Een andere methode om in te schatten wanneer je eisprong plaatsvindt, is de ovulatietest. Deze test zit in een doosje met vijf of zeven staafjes, die eruit zien als een zwangerschapstest. Deze test werkt alleen op het LH hormoon (luteïniserend hormoon). Dit hormoon veroorzaakt de eisprong. Dit hormoon, dat zich in het bloed bevindt, wordt ook afgescheiden in de urine. Hoe hoger de concentratie LH in het bloed, des te meer LH er wordt afgescheiden in de urine. Vlak voor de ovulatie is deze concentratie het hoogst. Deze piek is door middel van de ovulatietesten aan te tonen. Deze testen werken het beste samen met de temperatuurmethode, omdat je dan ongeveer weet wanneer je ovulatie plaatsvindt. De bedoeling is dat je ongeveer vijf dagen voordat je vermoedt dat je eisprong plaatsvindt, urine opvangt en een test uitvoert. De eerste test zal nog negatief zijn, omdat je pas over ongeveer 5 dagen je eisprong verwacht, en de test geeft ongeveer zevenentwintig tot zesendertig uur van tevoren aan dat je een eisprong verwacht. Na een aantal dagen zal - als het goed is - de test aangeven dat je een eisprong hebt. Om zwanger te kunnen raken zul je dan in die periode gemeenschap moeten hebben. Geeft de test na vijf dagen nog niet aan dat je een eisprong hebt gehad, dan ben je misschien te vroeg of te laat begonnen met de test. Raadzaam is om de test nog een aantal dagen voort te zetten, om te kijken of je eisprong misschien op een later tijdstip plaatsvindt. Is dit niet het geval, dan kan het zijn dat je eisprong al eerder heeft plaatsgevonden. Of misschien heeft er die maand geen eisprong plaatsgevonden. Dit gebeurt wel eens vaker en hoeft niet meteen te zeggen dat je nooit een eisprong hebt.
Bij een ovulatietest gaat het iets anders dan bij een zwangerschapstest. Een zwangerschapstest is namelijk positief als er een licht streepje is. Bij ovulatietesten is dit anders. De teststreep moet echt zeeer duidelijk donker aanwezig zijn om als positief te zijn. Een licht streepje betekend dat de test dus negatief is.
Tegenwoordig heb je ook digitale ovulatietesten, deze testen geven geen streepje, maar een duidelijk antwoord negatief of postief.
Speekseltesters
Een methode die wel langer bruikbaar is, lijkt op de varentest. Het is een klein microscoopje dat lijkt op een lippenstift. De bedoeling is dat je wat speeksel op het apparaatje doet, dit moet dan ook een soort varenstructuur geven. Het voordeel van deze methode is dat het vaker bruikbaar is, maar het is makkelijk te weten wanneer ongeveer je eisprong plaatsvindt. Nadeel van dit apparaatje is dat het vrij onduidelijk is.
Persona
Een apparaat om inzicht in je cyclus te krijgen is de Persona. In dit apparaat steek je testen en deze moet je met zeer grote regelmaat uitvoeren. Dit apparaat kan worden gebruikt als je wel of juist niet zwanger wilt raken. Het apparaat is langer te gebruiken. Je moet alleen regelmatig testen bijkopen.


