Ligging baby

De ligging van je kindje

In de laatste periode van je zwangerschap zal de verloskundige of gynaecoloog veel aandacht besteden aan hoe je kindje ligt in de baarmoeder. Het is het makkelijkste als je kindje met het hoofdje naar beneden ligt bij de bevalling. Maar ook als je kindje in een andere houding ligt, bijvoorbeeld een stuitligging dan kan het kindje vaak op de natuurlijke wijze geboren worden.

Achterhoofd ligging

Achterhoofdligging

Vanaf ongeveer de 32ste week van de zwangerschap begint je kindje minder ruimte in de baarmoeder te krijgen. Voorheen heeft je kindje nog alle ruimte, en kan lekker draaien wat het wil. De meeste van de ongeboren baby's is rond die periode automatisch terecht gekomen in de meest gunstige houding, dus met het hoofdje naar beneden. Dit wordt hoofdligging genoemd. Bij de geboorte zal dan het hoofdje als eerste geboren worden. Heeft je kindje meer ruimte in de baarmoeder, dan kan het wat langer duren voordat je kindje in deze houding gaat liggen. Oorzaak hiervan kan zijn slappe baarmoederspieren of een wat andere vorm van de baarmoeder. Maar ook in deze gevallen bevindt de baby zich ruim voor de geboorte in de positie waarin het geboren zal worden. Bij een eerste zwangerschap zal het kindje rond de zesendertigste week gaan indalen, en zakt het met het hoofdje verder de bekken in. Bij volgende zwangerschappen gebeurt dit vaak wat later. Op het plaatje zie je een baby die met het achterhoofd ingedaald is, en zo geboren gaat worden. Dit is de beste manier voor je kindje om geboren te worden, omdat dit de smalste doorsnede van het hoofd is, en het makkelijkste door de bekken past. Het grootste gedeelte van de kindjes word op deze wijze geboren. Maar als je kindje anders ligt dan dit dan wil het niet direct zeggen dat er problemen met de bevalling gaan komen.

Aangezichtsligging

Aangezichtsligging

Op de afbeelding zie je een kindje in aangezichtsligging. In deze ligging is een normale bevalling vaak nog wel mogelijk, maar wel een stuk moeilijker omdat de doorsnede van het gezicht groter is dan de doorsnede bij een achterhoofdsligging. Wordt het kindje op deze wijze geboren, schik dan niet want het gezichtje kan blauw en gezwollen zijn. Dit trekt na enkele dagen weer weg. In deze ligging wordt er soms wel gekozen om in te grijpen door een keizersnede, ook is de kans op het zetten van een knip groter, om inscheuren te voorkomen. Deze ligging komt niet veel voor. Andere liggingen die de bevallig kunnen bemoeilijken zijn kruin of voorhoofdligging, maar deze zijn minder complex dan een aangezichtsligging.

Onvolkomen stuitligging

Onvolkomen stuitligging

Bij een andere ligging dan hoofdligging, is er meestal spraken van stuitligging. Een afwijkende ligging hoeft niet altijd een probleem te zijn. Bij een stuitligging komen bij de bevalling in plaats van het hoofdje eerst de beentjes of de billetjes. Minder gunstig, maar gelukkig zelden voorkomend is dwarsligging. De verloskundige kan door uitwendig onderzoek het vermoeden hebben van een afwijkende ligging. Zij zal dit doormiddel van een echo laten bevestigen. Soms zal geprobeerd worden door een gynaecoloog om het kindje met de handen op de buik te draaien. Het is niet duidelijk of deze methode succes heeft. Vier procent van de geboortes vind plaats in een stuitligging (Zie afbeelding van een onvolkomen stuitligging, het kindje ligt met de billen voor de uitgang) Bij een onvolkomen stuit ligt de baby met het hoofd boven, en de benen ook omhoog geklapt, het kindje wordt eerst met de billen geboren. Bij een volkomen stuit bevinden de benen zich langs de billen net alsof de baby gehurkt zit. Bij de geboorte komt er eerst een beentje (zie de tweede afbeelding in dit stukje) De baby kan dan wel via de gewone vaginale weg geboren worden, maar extra medische hulp is wel nodig.

Verloop stuitligging

Verloop stuitligging

Meestal duurt de bevalling wel iets langer. Bij een gewonen geboorte komt het hoofdje, deze is het grootste van het hele lijfje, en hierdoor is er al ruimte gemaakt voor de rest van het lijfje. Ook kunstgrepen zoals vacuüm of tang verlossing zijn bij een stuitligging niet mogelijk. Als de bevalling op de gewone wijze niet wil lukken zit er dan ook niets anders op dan een keizersnede. Bij een stuitligging is de bevalling ook voor het kindje zwaarder, er is dus wel spraken van een verhoogd risico. Zo is er bijvoorbeeld het risico dat de navelstreng bekneld raakt tussen het hoofd en de bekken, hierdoor is het van belang dat de baby snel geboren wordt. Omdat het hoofd groter is dan de rest van het lichaam wil soms de geboorte van het hoofd problemen geven, als de rest van het lichaam al geboren is. De bevalling zal dan dus ook altijd in het ziekenhuis plaatsvinden onder begeleiding van een gynaecoloog. Maar ondanks deze problemen gaat het in de meeste gevallen goed, en houd het kindje er doorgaans niks aan over.

Dwarsligging

Dwarsligging

Bij een dwarsligging ligt het kindje in plaats van in de lengte, in de breedte van de baarmoeder. Bij een dwarsligging is een normale bevalling al helemaal niet mogelijk, en zal het altijd een keizersnede worden. Zoals je op de afbeelding kan zien ligt de baby geheel dwars in de baarmoeder. Dit komt niet vaak voor. Je kan je wel voorstellen dat een kindje er op deze wijze niet uit kan op de natuurlijke manier.